Dit boek (340 p.) werd een paar weken geleden enthousiast besproken in de Tros
Nieuwsshow door Arie Storm, en eigenlijk weet ik het onderhand wel maar ik moet
me er nog beter aan houden: zijn smaak is de mijne niet. Ik kreeg dit boek van
een collega voor bookcrossing. Het deed een belletje rinkelen dus ik googlede
even, en ja hoor: Arie was erg enthousiast. Proberen maar, dus. En het is
beslist een aardig boek, maar toch… In mijn IRL-leesclub had Natalie het over
een gebrek aan doorleesfactor toen het ging over Het oog van de stilte, en ik
vind dat eigenlijk wel een erg goed woord, een goed criterium. Het boek ont had
voor mij een lage doorleesfactor, en toch heb ik het uitgelezen. Waarom? Lage
doorleesfactor omdat de
Dank voor je bezoek! Maar klik a.u.b. door naar monalisaleest.wordpress.com Daar vind je al mijn boekverslagen en daar kun je, als je wilt, op die verslagen reageren. Sinds 1 januari 2004 houd ik bij wat ik lees. Mijn indrukken zet ik, soms kort, soms wat langer, in een blogbericht op de hierboven genoemde Wordpresspagina. Op de Blogspotpagina die je nu bezoekt staan alleen (kopieën van) verslagen van de boeken die ik las tussen eind 2011 en begin 2013.
Outside of a cat, a book is woman's best friend. Inside of a cat it's too dark to read
maandag 9 juli 2012
Dagboek van een illegaal – Mohamed Sahli
Moeilijk, moeilijk, wat over dit boekje (140 p.) te zeggen? Het pretendeert waar gebeurd te zijn en of dat voor alles wat Sahli vertelt klopt, weet ik niet (volgens mr. monalisa is het onmogelijk dat iemand zonder diploma’s wordt ingezet in de beveiliging van de Vermeertentoonstelling in het Mauritshuis, maar misschien kon dat in 1996 nog wel???), maar ik denk wel dat het boekje een goed beeld geeft van het leven van iemand die illegaal in Nederland verblijft. Of: verbleef. Want Sahli verbleef illegaal in Nederland van 1987 tot na de hongerstaking in de kerk in 2000 en sindsdien zijn de regels en, naar ik aanneem ook de controles, bepaald strenger geworden. Het is op zich interessant om te lezen over hoe
Minister achter tralies – Koos van Zomeren
Ik krijg geregeld ouwetjes van Koos van Zomeren voor bookcrossing en dit boek
(185 p.) besloot ik eerst eens zelf te lezen omdat het volgens de flap een
Nederlandse misdaadroman zou zijn. Nou, dat is het en dat was voor mij een zeer
prettige kennismaking met Van Zomeren. Een heerlijk verhaal over duistere
gebeurtenissen in politiek Den Haag, met chantage en intriges en wat dies meer
zij. Spannend, maar op een rustige manier, en geen bloederigheid en
psychotische wreedheden en dergelijk. Wel veel humor gelukkig – dat kon ik wel
gebruiken tijdens m’n geworstel met Het oog van de stilte. Slechts een enkel
voorbeeldje, hoofdpersoon minister Drion tegen zijn secretaris-generaal: “Ik
zit al een tijdje in dit vak en wat is politiek anders dan het verzamelen van
argumenten bij een ingenomen standpunt?” (p. 67). Ik ben het dan ook – een
zeldzaamheid – zonder meer eens met de achterflap: Minister achter tralies is
een ontluisterend maar vooral boeiend boek in het grensgebied tussen thriller
en psychologische roman. ’t Is bijna een boek om niet te crossen, maar te
houden en ooit nog eens over te lezen…
Het oog van de stilte – Marc Lambron
Dit boek (403 p., vertaling Maria Noordman) las ik voor m’n IRL-leesclub, en
dat was geen sinecure. Ik verwachtte dat het een boek zou zijn over het leven
van Lee Miller, volgens de achterflap een begaafde fotografe die het vak leerde
van Man Ray en in 1944 naar het front trok om in het spoor van de geallieerde
legers het einde van de oorlog te verslaan. Dat klopt ook wel, maar meer dan
dat gaat dit boek over de journalist David Schuman, die het
levensverhaal van Lee vertelt, maar dat verhaal doorspekt met zijn eigen
fascinatie en liefde voor Lee Miller. Zijn fascinatie is niet gering en ze
voert naar mijn smaak teveel
zondag 3 juni 2012
Vossenblond – Rascha Peper
Dit boek (250 p.) vond ik weer een
heerlijke Rascha Peper. De lezer van mijn blog weet dat ik een fan van haar ben,
dus in zoverre is er niets nieuws onder de zon. Ik moet wel zeggen dat ik met
een pietsje reserve aan dit boek begon. Het zou gaan over een man die een
escortdame inhuurde. Niet bepaald een onderwerp dat je als vrouwelijke lezer
aanspreekt. Verder had ik gehoord of gelezen dat de plot niet zo goed in elkaar
zat en uiteindelijk te wensen overliet. Ik begon dus voorzichtig.
En ja, je vraagt je wel af of je dat wilt
weten: hoe een man zich verhoudt tot een voor sex ingehuurde vrouw, tot een
vrouw die zich daarvoor ook laat inhuren. Bah. Maar Peper zou Peper niet zijn
als ze aan dit gegeven toch geen bijzondere draai zou geven. Enerzijds zorgt ze
voor een rustige basis voor het verhaal
De kaart en het gebied – Michel Houellebecq
Dit boek (332 p., vertaling Martin de Haan) las ik via een bookcrossring, en ik
koos daarvoor omdat ik eigenlijk dacht dat het helemaal niets voor me zou zijn.
Te hype en te intellectualistisch, die indruk had ik over Houellebecq. Wat me
intrigeerde aan dit boek was de titel: heeft niet ooit een Nederlandse
feministische schrijfster een boek met een vergelijkbare titel geschreven: Een
kaart, niet het gebied? Ja, hoor, lang leven internet, dat was Hermine de
Graaf. Of ze feministisch was, staat er niet bij, maar het boek is wel uit ‘die
tijd’. Ik heb het gelezen en weet er niets meer van, zelfs niet of ik het goed
vond, maar wel dat ik de titel niet helemaal begreep. Dus nam ik deze
Houellebecq mee als herkansing. Wat een bof: ik vond het een geweldig boek. Wel
moeilijk om uit te leggen waarom, want: waarom eigenlijk? Het verhaal stelt
niet veel
Het moordende testament – Jonathan Coe
Dit boek (449 p., vertaling Marijke Emeis) heb ik meegenomen van een
bookcrossmeeting omdat ik dacht/hoopt dat het van dezelfde schrijver was als
The terrible privacy of Maxwell Sim (zie mijn leesverslag op http://monalisa.weblog.nl/boek-verslag/the-terrible-privacy-of-maxwell-sim-jonathan-coe-2/
). En dat bleek te kloppen. Dit is een eerder boek van Coe en ik vond het
ietsje minder goed dan Maxwell Sim, vooral omdat het bepaald niet subtiel is,
maar het boek steekt wel erg goed in elkaar en ik vond het erg leuk en interessant
om te lezen. Leuk, omdat het vol zit met humor. Interessant, omdat het een
aantal maatschappelijke misstanden op niet al te zachtzinnige wijze aan de orde
stelt.
Het boek gaat over de familie Winshaw, volgens de flap “het gemeenste, inhaligste, wreedste stelletje mes-in-de-rug-stekers en schofterige centenschrapers dat ooit over het aardoppervlak kroop”. Dit zijn de
Het boek gaat over de familie Winshaw, volgens de flap “het gemeenste, inhaligste, wreedste stelletje mes-in-de-rug-stekers en schofterige centenschrapers dat ooit over het aardoppervlak kroop”. Dit zijn de
De opwindvogelkronieken – Haruki Murakami
Dit boek las ik omdat het maandboek was van de boekgrrls. Dit schreef ik erover aan hen:
Oei, oei, grrls, vanwege de volgens mij
hier volop aanwezige fans durf ik het bijna niet te zeggen, maar helaas vond ik
dit niet echt een goed boek.
Ik mailde al eerder dat ik aan het boek was
begonnen en dat het me aansprak. Dat was ook zo: het verhaal van/over Toru
Okada, enkele jaren getrouwd, sinds kort eigenlijk huisman, die zijn kat
kwijtraakt, op zoek gaat in de steeg achter zijn huis bij het huis met de put,
daardoor in aanraking komt de schoolverzuimende puber May Kasahara, en ook nog
eens zijn vrouw Kumiko kwijtraakt, intrigeerde me en maakte dat ik graag verder
wilde lezen. En daarbij een leuke vondst: de opwindvogel, kiiiiii, kiiiiii, die
de veren van de wereld opwindt, zodat ze doordraait. En dan aan het eind van
deel een het lange maar bijzondere verhaal
Donor – Tomas Ross
Enthousiast geworden door De zesde mei pakte ik deze Ross (222 p.) uit de
boekenkast, en las hem in een ruk uit. Goed geschreven, interessant en
spannend. Aan het eind een beetje erg kort door de bocht, maar dat stoorde me
niet echt. Gewoon een lekker leesboek.
De zesde mei – Tomas Ross
Wat is een betere datum om aan dit boek
(294 p.) te beginnen dan 6 mei 2012? Tien jaar geleden is het gebeurd, ik weet
nog precies waar ik toen was en wat ik toen deed (toen = het moment dat op
radio 1 gewag werd gemaakt van de moord op Pim Fortuyn), en nu, tien jaar
later, wordt het moment herdacht. Zo hoorde ik zojuist Ruud de Wild op Radio
538 (niet meer radio 3, zoals indertijd) die, enigszins onder druk van zijn
medepresentatoren, herinneringen ophaalde aan het moment. Hij heeft het
allemaal zien gebeuren, is zelfs zelf gewond geraakt door een schampschot, dat
heb ik indertijd niet meegekregen – en het is ook niet echt
Witte tanden – Zadie Smith
Jammer, maar dit boek (vertaling Sophie Brinkman) is het niet voor mij. Waarom gaan multicultiboeken altijd over arme, domme mensen? Het lukt Smith niet me in hen te interesseren. Ik heb 101 bladzijden gelezen en het boek daarna een tijdje weggelegd. Had daarna op geen enkel moment ook maar enige neiging om het weer op te pakken. Dat zegt voldoende: dit boek kan op weg naar een volgende lezer.
Het roer kan nog zesmaal om – Maarten ‘t Hart
Dit boek (237 p.) uit 1984 behelst een
soort thematische autobiografie van Maarten ‘t Hart en gaat, gelet op het jaar
van uitkomen, over zijn jeugd en het begin van zijn doorbraak als schrijver. Ik
vond een heerlijk om te lezen omdat ‘t Hart schrijft met de voor hem
kenmerkende scherpe, relativerende humor. Daarnaast krijg je enig zicht op de
kritiek die hij indertijd heeft moeten doorstaan (hij werd blijkbaar gezien als
op geld beluste veelschrijver) en daardoor ook op zijn wat kleinzielig
overkomende reactie daarop (niet Maarten is fout, maar de rest is fout; de
waarheid ken ik niet, en ligt wellicht in het midden). Afijn, voor ‘t Hart
liefhebbers – waar ik inmiddels toe behoor – is dit een heerlijk boek. Ook al
omdat hij beschrijft hoe zijn
Blanche en Marie – Per Olov Enquist
Van Enquist las ik eerder Het bezoek van de lijfarts, dat ik geweldig vond (zie http://monalisa.weblog.nl/boek-verslag/het-bezoek-van-de-lijfarts-uit-jaartotaal-7156-p/ ), en De vijfde winter van de magnetiseur, dat ik redelijk goed vond (zie http://monalisa.weblog.nl/boek-verslag/de-vijfde-winter-van-de-magnetiseur-uit-jaartotaal-11266-p/ ). Maar dit boek (vertaling Cora Polet) kon me helaas totaal niet bekoren, dus ik heb het lezen na 68 bladzijden opgegeven. Het boek zou gaan over Marie Curie en Blanche Wittman, voormalig patiënt van het Salpêtrièreziekenhuis en Charcot , en later assistente/vriendin van Marie (dat laatste is als ik het goed begrijp door Enquist verzonnen). Het lijkt me erg interessant om meer te weten te komen over het leven van Marie Curie en over de zieken en de behandelingen van Charcot, maar
Een mens leeft omdat hij geboren is – Tim Krabbé en anderen
In dit kleine boekje (145 p.) staan reportages en verhalen over wat het
betekent om in een oorlogsgebied te leven. De reportages zijn van bekende
schrijvers/verslaggevers, de verhalen van onbekende Nederlanders die gehoor
hebben gegeven aan de oproep van Artsen zonder Grenzen om iets te schrijven over
‘als er oorlog zou zijn in Nederland’. Het is een aardig boekje, maar het heeft
niet echt veel indruk op me gemaakt.
Boven water – Margaret Atwood
Een intrigerend en - wat mij betreft tot tegen het einde – aansprekend verhaal (242
p.; vertaling Aris J. van Braam) over een vrouw die met haar (nieuwe) vriend en
een bevriend stel teruggaat naar de plaats waar ze is opgegroeid. Die plaats is
een eiland in een groot meer, waar het ouderlijk gezin van de vrouw (en
vertelster) woonde in een sobere woning en zich grotendeels selfsupporting in
leven hield. Ik vond het kijkje dat het boek in een dergelijk leven geeft –
volgens de achterflap is Atwood zelf in soortgelijke omstandigheden opgegroeid
– heel interessant, en de reden waarom de vrouw met haar vrienden naar het
eiland is gegaan – haar vader, die er nog steeds woonde, is verdwenen – brengt
enige spanning in het verhaal: waar is de vader gebleven, zal hij
Abonneren op:
Posts (Atom)